Beukenhagen deel 3
De week begon traditiegetrouw in Leeuwarden met een mooie dag werken. Ondertussen worden mijn afdeling bij de nieuwe werkgever geïnformeerd over mijn komst. Er werkt een man waarmee ik al eerder heb gewerkt, die na het verhaaltje van mijn baas is opgestaan en heeft gezegd: ‘dat is een goede dame’. Een betere binnenkomer kan ik mij niet wensen, ook omdat twee van de vier managers al kennis met mij hebben gemaakt en deze uitspraak onderschrijven. Ik probeer op tijd richting huis te rijden, dat lukt ongeveer.
Op dinsdag werk ik in Den Haag, er zijn de nodige vergaderingen waarbij fysieke aanwezigheid goed is. Ondertussen krijg ik te horen dat op het Intranet van de nieuwe baas, Van Lanschot Kempen, mijn komst is aangekondigd. Dat betekend dat ik mijn LinkedIn kan gaan updaten. Daarna werk ik lekker door aan een aantal dossier, terwijl de reacties losbarsten. Aan het eind van de middag probeer ik op tijd naar huis te gaan, deze laatste weken bij de huidige werkgever probeer ik niet over te werken. Dat lukt niet helemaal en mijn terugreis wordt gehinderd door files. Het is toch vakantie, ergens? Blijkbaar nog niet hier.
Op woensdag werk ik thuis en begin ik mij zorgen te maken over de resterende 4,5 week die ik nog te gaan heb. De agenda begint leger te worden en ik heb net te veel tijd voor de taken die op mijn bord liggen. Ik ga lunchen bij a.s.r. met Arjan en vertel hem nog wat achtergronden bij recente ontmoetingen. Zijn interpretatie van de geuite feedback is nog niet helemaal correct, met mijn ondertiteling begint hij meer inzicht te krijgen. Het is een goede vent die in ieder geval voor een deel van mijn mensen gaat zorgen. Dat vind ik belangrijk.
Op donderdag begin ik thuis met werken. Tegen de lunch rij ik naar Key West bij Vleuten voor een lunch met een leverancier. De Account Director is ziek thuis en zijn baas en mijn Accountmanager hadden behoefte aan wat feedback. Mijn team van procurement en ik kunnen dat prima en met redelijkheid geven en we herstellen de relatie, voor zover dat nodig is. Tevens meld ik dat ik naar een andere werkgever ga, waar deze leverancier niet de huisleverancier is. Na de lunch rij ik door naar Den Haag voor een aantal zaken die mijn aandacht vragen. Zo blijken de directeur van Treasury en ik nog de enige personen te zijn die zaken met onze huisbankier mogen regelen. Met de transactie van vorige week zijn alle procuratiehouders ontslagen of ontheven uit taken, de nieuwe raad van bestuur is nog niet ingeschreven. Bas en ik mogen het circus van handtekeningen gaan doen, wat ik dan wel weer grappig vind. We hebben vaak genoeg gewaarschuwd dat deze situatie ging ontstaan.
Aan het eind van de middag neem ik Azra mee naar het strand. Daar flaneren we nog een half uurtje over de boulevard, voordat we naar Waterproef gaan voor het diner. We zijn uitgenodigd door een leverancier. Ik hoor nu pas dat ik vijf jaar geleden, bij mijn komst bij mijn huidige werkgever, een onuitwisbare indruk heb achtergelaten, ook bij deze leverancier. Ik heb namelijk op mijn tweede of derde werkdag een stuk werk van hen afgekeurd. Ik was het niet eens dat ze een tussenoplossing beschreven terwijl ik de eindsituatie verwachtte. Dat had ik al voorafgaand aan de vergadering laten weten. Uiteindelijk, vijf jaar later, hebben we de eindsituatie zoals we die vervolgens samen hebben beschreven, geïmplementeerd. Dat hadden zij dan weer nooit verwacht. Maar ja, vijf jaar geleden kende ze mij nog niet zo goed. Het is een uitermate gezellig diner met heerlijk eten en een heel goed gezelschap.
Op vrijdagochtend werk ik thuis. Dankzij de late thuiskomst van gisteravond heb ik veel extra koffie nodig om mij door de ochtend heen te krijgen. Om twaalf uur ben ik met de laatste vergadering op de carkit bij golfclub Batouwe in Zoelen aangeland.
Daar ontmoet ik Bert. Na koffie, even bijkletsen en serieus inslaan gaan we 18 holes spelen. We moeten er even inkomen maar daarna spelen we beter (ik) en best (hij). Met een kleine inzinking rond hole 9 en 10, voor mij. We zijn aan elkaar gewaagd. 3,5 uur later komen we alweer binnen, we hebben er een snelle ronde van gemaakt zonder ons te haasten. We gaan tevreden een plekje op het terras zoeken voor de nazit met een biertje (0.0% voor mij) en een portie bitterballen.
Via bekende wegen langs Beusinchem en Culemborg rij ik daarna weer terug naar huis.
Op zaterdag ben ik vroeg wakker en ga ik de kranten downloaden en lezen. Ik heb net koffie gezet als de stroom uitvalt. Om zes uur heb ik Stedin al aan de lijn. Aangezien het onduidelijk is hoe lang het precies gaat duren gooi ik het ochtendprogramma om. Net als ik klaar sta om te gaan wandelen gaat de stroom weer aan en kan ik toch eerst gaan douchen. Daarna ga ik alsnog wandelen om er vervolgens een leeszaterdag van te maken. Ik vorder tot het laatste boek in Alkibiades, dat moet nog even wachten. Want we gaan borrelen bij de kinderen/kleinkinderen in Zeist. We hebben een supergezellige avond en weten de buien te omzeilen. Natuurlijk zijn we weer redelijk op tijd terug voor de avondmaaltijd van de bruine monsters, a.k.a. zijne koninklijke hoogheid Charlie en hare keizerlijke hoogheid Leila.
Zondag is tuindag. Na alle ochtendroutines en een korte wandeling ga ik via een omweg op weg naar Friesland. Zowel de A27 als de A28 zijn dicht. Wie heeft dat bedacht? Desondanks ben ik op tijd bij mijn ouders voor bijpraten bij de koffie. Daarna ga ik aan het werk. Ik doe eerst de weikant en straatkant van de laatste beukenhaag, mijn vader ruimt achter mij op. Daarna gaat hij iets rustiger aandoen terwijl ik het blad weg breng naar de kuil in het bos. Ik begin daarna aan de tuinkant van deze haag. Het is een groot ding, ruim 1,5 meter dik aan het begin, meer dan 2,5 meter hoog. Aan het eind is het nog niet een meter qua breedte, maar daar ben ik pas een uur later. Dan heb ik de bovenkant ook gedaan, laddertje op, laddertje af. Ik laat de ladder en de kleine heggenschaar staan, de rest gaat mee naar achteren. Maar omdat het al een uur is, ga ik snel lunchen, zodat mijn ouders daarna rustuur kunnen houden. Als ik weer enigszins op adem ben, start ik de bladblazer en ga ik de paden in het bos ontdoen van vooral dennenappels. Dat loopt gewoon niet lekker, mijn ouders en de honden beginnen op leeftijd te raken. Dan is het rustuur alweer bijna voorbij en snoei ik de andere hagen nog aan de bovenkant. Dat is de vorige keren er niet van gekomen, in de volle zon op een ladder staan met gevaarlijk gereedschap gaat zelfs mijn moed te boven. Maar nu gaat het lekker vlot, terwijl mijn vader nog een kruiwagen blad uit de voortuin vist. Ook doe ik de straatkant van de grote haag nog een keer, zodat deze er strak uitziet. Ik breng de kruiwagens vol blad naar het bos en bevrijd daarna nog een laurierstruik uit een gevallen top van een eik. Het zaagwerk stapelt zich op voor dit najaar, de storm van vorige week heeft de nodige bomen geveld. Maar dat is voor een andere keer, mijn rechteram is ondertussen gevoelloos van de vele uren snoeien, dennenappels blazen en een beetje zaagwerk. Het is maar goed dat ik geen beroep heb waar een fijn touche voor nodig is. Ik ga al het stof van mij afdouchen voordat ik mij voor de borrel meld. Met de herenfinale van Wimbledon op de achtergrond koken mijn vader en ik en we eten daarna een smakelijke maaltijd. Daarna, in de derde set, trek ik mij terug in het Boshuis voor het schrijven van dit blog en het overdenken van de week.